Bel ons voor info 0294 - 74 50 70

Nieuws item

GRATIS toegang
voor professionals:
nog dagen
Registreer HIER!
sluiten X

Alleen hout. Punt.

Dennis Hauer (Urban Climate Architects) over ontwerpen vanuit hout, biobased bouwen en de stap naar standaardisatie.

 

Waar veel architecten houtbouw zien als een interessant alternatief, maakt Urban Climate Architects er een principiële keuze van. ‘Wij doen alleen nog nieuwbouwprojecten in hout,’ vertelt Dennis Hauer. ‘Anders doen we het niet.’ Daarmee behoort het bureau tot een kleine groep voorlopers in Nederland die vol inzetten op biobased bouwen.

Die keuze komt grotendeels voort uit idealisme, maar de architecten van dit bureau verliezen de haalbaarheid niet uit het oog. ‘We komen uit de beleggerswereld en weten hoe belangrijk een sluitende businesscase is. Als de cijfers niet kloppen, gaat een project gewoon niet door. Reden genoeg om in te zetten op haalbaarheid.’ Het beeld dat houtbouw per definitie duurder is, nuanceert Hauer direct. ‘Als je puur naar bouwkosten kijkt, is hout vaak 5 tot 10 procent duurder dan beton. Ondanks de lichtere fundering, omdat hout een licht bouwmateriaal is. Maar dat is maar een deel van het verhaal. Houtbouw is een snelle bouwvorm. Dat betekent lagere indirecte kosten, minder financieringslasten en eerder inkomsten omdat een gebouw sneller in gebruik kan worden genomen.’ Daar is recent een nieuwe factor aan toegevoegd, de waarde van CO₂-opslag. ‘Met hout leg je CO₂ vast in je gebouw. Carbon credits zijn in opkomst en vertegenwoordigen straks ook een financiële waarde. Dat gaat steeds zwaarder meewegen.’ Toch ligt de focus in de praktijk vaak nog op de initiële bouwkosten, zeker bij woningcorporaties en ontwikkelaars. ‘Daar sturen we dan ook op. Door slimmer te ontwerpen en efficiënter met materiaal om te gaan, kun je die initiële meerkosten grotendeels terugbrengen of zelfs goedkoper uitkomen dan traditioneel.’

Ontwerpen vanuit het materiaal
Deze mate van efficiëntie vraagt om een andere manier van ontwerpen. ‘We zijn gewend om in betonstramienen te denken, 7,20 of 8,10 meter. Als je dat één-op-één vertaalt naar hout, werkt het niet. Dan ben je simpelweg niet efficiënt met je materiaal.’ Volgens Hauer begint houtbouw daarom letterlijk van binnenuit. ‘We stemmen die af op de eigenschappen van hout. Overspanningen, materiaalgebruik, detaillering, alles moet kloppen. Op deze manier ontwerpen we met beduidend minder materiaal en dat is zowel goed voor het milieu als voor de portemonnee.’

Biobased als integraal ontwerpinstrument
Urban Climate Architects kijkt verder dan de draagconstructie. Steeds vaker worden biobased materialen breder in het ontwerp toegepast. ‘We zijn begonnen bij de constructie, omdat daar de grootste impact zit. Hout in het zicht levert bovendien voordelen op voor het binnenklimaat en zelfs de gemoedstoestand van gebruikers.’ Daarna volgden andere onderdelen. ‘Binnenwanden, afwerkingen, isolatie, daar kun je ook stappen maken. We werken bijvoorbeeld met houtvezeloplossingen en prefab badkamers die grotendeels biobased zijn.’ Toch zijn er nog uitdagingen. ‘In de gevel zie je dat biobased materialen soms afvallen door brandwerendheidseisen, waardoor deze dan vaak aanvullend afgewerkt moeten worden met een cementgebonden plaat. Dan wordt er toch weer teruggegrepen naar traditionele oplossingen. Daar ligt nog een ontwikkelopgave voor de sector.’

Wat is houtbouwarchitectuur?
Naast techniek speelt volgens Hauer ook de vraag hoe houtbouw er eigenlijk uit zou moeten zien. ‘Het antwoord is nog niet vastomlijnd,’ geeft Hauer toe. ‘Moet je het hout altijd laten zien? Of mag het ook verborgen zitten? Bij houten geveloplossingen heb je grofweg twee keuzes. Je laat het hout vergrijzen of je kiest voor coating. Maar moét dan ook echt? Of kunnen we de materialiteit van het gebouw op een andere manier zichtbaar maken? Bijvoorbeeld via detaillering of door hout op specifieke plekken zichtbaar te maken. Daar zijn we als architectenbranche nog niet uit.’

Vocht en installaties als kritische factor
Technisch gezien ligt de grootste uitdaging niet bij de constructie, maar bij vocht en installaties. ‘Hout en vocht zijn geen ideale combinatie. Tijdens de bouw is dat nog beheersbaar, maar in de gebruiksfase wordt het spannend.’ Vooral installaties vormen een risico. ‘Je wilt zo min mogelijk koppelingen in leidingen en als ze er zijn, moeten ze zichtbaar blijven. We hebben projecten gezien waar een kleine lekkage jaren later enorme schade veroorzaakte.’ De oplossing ligt in ontwerp én uitvoering. ‘Werk met prefab badkamers, concentreer natte ruimtes en zorg dat koppelingen en hiermee eventuele lekkages zichtbaar zijn. Wat daar voor nodig is? Een goede samenwerking met installateurs. Zorg dat zij op de hoogte zijn van de gevolgen van lekkage in houtbouw. Die kennisdeling, daar is nog een wereld te winnen.’

Van pionieren naar standaardiseren
Om die kennis breder te delen, heeft Urban Climate Architects samen met MAATworks het Handboek houtbouw in detail gepubliceerd. ‘We hebben twintig gerealiseerde woongebouwen geanalyseerd en alle lessen van detaillering tot uitvoering verzameld.’ Het handboek biedt onder meer referentiedetails en praktische oplossingen voor vraagstukken rondom brandveiligheid, akoestiek en vocht. ‘Het ontbreekt de sector aan standaardisatie. In betonbouw heb je die al lang, in houtbouw nog niet. Dit helpt om die stap te zetten. We moeten van pionieren naar een volwassen bouwsysteem. Alleen dan kan houtbouw echt een volwaardig alternatief worden.’

Kennisdeling staat ook centraal tijdens HOUTBOUW, waar Urban Climate Architects al jaren actief is. ‘We geven er regelmatig lezingen en sessies. Het is dé plek om ervaringen uit te wisselen en de sector verder te brengen. Houtbouw vraagt om een andere manier van denken én doen. Als sector moeten we daarin samen optrekken.’

Ga terug