Bel ons voor info 0294 - 74 50 70

Nieuws item

GRATIS toegang
voor professionals:
nog dagen
Registreer HIER!
sluiten X

Opschalen begint bij vochtpreventie

Peter Kuindersma van Ingenii Bouwinnovatie over de impact van vochtproblematiek in houtbouw

 

De groeiende aandacht voor vochtproblematiek in houtbouw is allesbehalve random. In binnen- en buitenland zijn inmiddels meerdere gevallen bekend waarbij houten constructies schade opliepen door vocht. Opvallend is dat die schade vaak pas laat zichtbaar wordt, met grote gevolgen. ‘Het kan iets simpels zijn als een lekkende koppeling,’ zegt Peter Kuindersma, directeur van Ingenii Bouwinnovatie en samenwerkingspartner van HOUTBOUW. ‘Maar ook vocht dat tijdens de bouw in de constructie trekt, kan leiden tot flinke schade. In houtbouw blijven dat soort situaties net als de gevolgen vaak lang onopgemerkt, terwijl de impact gigantisch kan zijn.’

Volgens hem ligt de oplossing niet primair in technologie, maar in bewustwording en ontwerpkeuzes. ‘Als we serieus willen opschalen met houtbouw, moeten we slimmer omgaan met risico’s. En vocht is daarin een belangrijk aandachtspunt.’

Voorkomen begint op de tekentafel
Waar veel partijen inzetten op vochtdetectie en -monitoring, pleit Kuindersma voor focus op het ontwerpproces. ‘Meten (en detecteren) doe je eigenlijk pas als het al fout is gegaan, wanneer je daar het vermoeden van hebt of wanneer je verwacht dat het fout zou kunnen gaan. Dan zit je in de beheersfase terwijl je het (mogelijke) probleem veel eerder kunt tackelen.’ Die aanpak begint in het ontwerp. Denk aan het rekening houden met regen tijdens de bouw, slimme detaillering en materiaalkeuzes. ‘Je weet dat het in Nederland met grote regelmaat regent. Dan ontwerp je logischerwijs een gebouw op zo’n manier dat het daartegen bestand is. Tenminste, zo zou het moeten zijn. Laat je hout doorlopen van binnen naar buiten? Dan moet je nadenken over bescherming. Integreer je waterleidingen in je bouwkundige elementen? Zorg dan dat je nadenkt over waar en hoe koppelingen worden gemaakt. Bescherm daarnaast in de uitvoering kopse kanten van hout, werk met dampopen en vochtregulerende folies of zorg dat elementen snel gemonteerd worden. Ook ogenschijnlijk eenvoudige maatregelen maken een groot verschil.’

Monitoring is geen doel op zich
De opkomst van vochtdetectie- en monitoringssystemen noemt Kuindersma begrijpelijk, maar ook symptomatisch. ‘Het idee dat je meet en ingrijpt als het misgaat, vind ik geen aantrekkelijke en ook niet erg logisch. Het betekent extra materiaal en dus milieubelasting -terwijl we dat met houtbouw willen terugdringen-, het betekent extra kosten en het betekent extra datastromen die door iemand beheerd moeten worden.’ Hij schetst een treffend voorbeeld. Een appartementencomplex met tientallen woningen en honderden potentiële lekkagepunten. ‘Ga je die allemaal monitoren? Of denk je eerst na over waar het risico echt zit en hoe je dat kunt beperken?’ Slimmere oplossingen liggen vaak dichterbij dan gedacht. ‘Plaats koppelingen in het zicht, dat zorgt ervoor dat lekkages eerder opvallen. Dat is in de meeste gevallen effectiever dan de boel volhangen met sensoren.’ Maar het klopt, in sommige situaties zijn er geen andere mogelijkheden en zul je dergelijke systemen wel moeten inbouwen.

Begrijpen hoe vocht en hout zich gedraagt
Een belangrijk onderdeel van het vraagstuk is kennis. Houtbouw vraagt om een andere manier van denken dan traditionele bouw. ‘Je hebt te maken met verschillende vormen van vocht. Vocht dat al in het materiaal zit, regen of sneeuw tijdens de uitvoering, maar ook gebruiksvocht van bewoners -denk aan koken en douchen maar ook zaken als lekkende leidingen of lekkages als gevolg van een flinke bui.’ Het gaat er volgens Kuindersma om dat je deze processen en risico’s begrijpt en meeneemt in je ontwerp en de uitvoering. ‘Hoe groot is de kans dat iets gebeurt? Wat is het effect? Soms accepteer je een risico, soms verklein je het. Maar die afweging moet je bewust maken.’

Van risico naar regie
Naast techniek en ontwerp spelen ook kosten en verzekerbaarheid een rol. ‘Voorkomen kost geld, net als schadeherstel. De verzekeringswereld stelt steeds vaker hogere eisen, net zoals bij brandveiligheid. Daarmee verschuift vocht van een technisch detail naar een strategisch thema binnen houtbouw. We moeten er vooraf over nadenken. Niet achteraf oplossen.’

De kern van Kuindersma’s verhaal is uiteindelijk verrassend simpel. ‘Hout mag best een keer nat worden. Dat is niet het probleem. Maar je moet zorgen dat het ook weer kan drogen en dat het niet langdurig aan vocht wordt blootgesteld. Kortom, houd(t) de voetjes droog.’ Met die nuchtere benadering raakt hij precies de uitdaging waar de sector voor staat. Wie houtbouw echt wil opschalen, zal niet alleen moeten innoveren, maar vooral beter moeten begrijpen hoe het materiaal zich gedraagt in een specifieke toepassing. Dat is de basis voor een goed ontwerp.

Ga terug