Biobased, het kan gewoon!
De transitie gaat niet vanzelf
Met de klimaatafspraken die we met elkaar hebben gemaakt, is het simpelweg geen optie meer om op de oude voet door te gaan. Wie serieus werk wil maken van een toekomstbestendige gebouwde omgeving, ontkomt niet aan biobased materialen. Hernieuwbaar, CO₂-opslag in plaats van uitstoot en met grote potentie voor opschaling. Toch gaat de transitie niet vanzelf. Volgens Sjoerd Klijn Velderman, manager team Marktactivatie bij Building Balance, vraagt biobased bouwen om een fundamentele verandering van de bouwketen.
‘Als je het met een roze bril bekijkt, is het een walk in the park. Wie wil er nou niet bouwen met materialen die schoon, hernieuwbaar en toekomstbestendig zijn? Er is eigenlijk geen enkele reden om het níét te doen.’
Verbinden van landbouw en bouw
Building Balance is de uitvoeringsorganisatie van het Nationaal Aanvalsplan Biobased Bouwen (NABB). De organisatie heeft de opdracht de transitie van conventionele naar biobased bouwmaterialen te versnellen. Daarbij staat het verbinden van twee werelden -de landbouw en de bouw- centraal. ‘Wij zijn er om het perspectief van boeren te verbinden aan de opgave in de bouw. Boeren hebben baat bij nieuwe, stabiele afzetmarkten voor vezelgewassen. Tegelijkertijd zoekt de bouw naar materialen met een lage of zelfs negatieve klimaatimpact.’ Die verbinding raakt meerdere maatschappelijke dossiers tegelijk. Het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening ziet kansen voor emissiearm bouwen, Landbouw voor nieuwe teelten, EZK voor het versterken van lokale ketens en regionale economieën en ook waterhuishouding en biodiversiteit profiteren dankzij regeneratieve teeltmethoden mee. Juist omdat niemand eigenaar is van het probleem -en er ook geen simpele oplossing bestaat- kreeg Building Balance de opdracht om deze systeemverandering aan te jagen.
Het kan gewoon!
Een veelgehoord argument tegen biobased bouwen is onzekerheid over prestaties. Brandveiligheid, vochtgevoeligheid, akoestiek of duurzaamheid op de lange termijn, de beren op de weg zijn bekend. Reden voor Building Balance om daar de afgelopen jaren stevig op in te zetten. ‘Alle beschikbare biobased bouwmaterialen -van isolatie tot constructieve toepassingen- zijn getest en gecertificeerd op precies die aspecten die voor de bouw cruciaal zijn. Brand, vocht, geluid, warmteweerstand, alles is onderzocht.’ De conclusies zijn duidelijk. In veel gevallen presteren biobased materialen gelijkwaardig aan conventionele alternatieven. Soms vragen ze om andere uitvoeringsdetails, bijvoorbeeld om te voorkomen dat materialen tijdens de bouw nat worden. Daarvoor zijn uitvoeringsrichtlijnen en protocollen ontwikkeld, ook met het oog op verzekerbaarheid. ‘Dat spel is eigenlijk uitgespeeld. De kennis is er. Het kan gewoon.’
Toetsbaarheid en normalisering
Beschikbaarheid van kennis betekent niet dat die kennis ook overal wordt toegepast. Daarom zet Building Balance zwaar in op kennisdeling en opleiding. Van mbo en hbo tot architectentrainingen en bijscholing binnen branches. ‘Dit jaar trainen we bijna 1.200 mensen in de bouw. We leggen uit wat je met biobased materialen kunt, hoe je ze uitvraagt en hoe je ze meeneemt in je ontwerp, koopt en hoe je het verwerkt. Die kennis helpt enorm bij het nemen van besluiten.’ Volgens Klijn Velderman is herhaling cruciaal. Als het verhaal vanuit meerdere hoeken wordt verteld, ontstaan nieuwsgierigheid en vertrouwen. ‘Ons vocabulaire bestaat de komende periode uit de woorden: het kan gewoon, het gebeurt al. Dat sentiment willen we normaliseren.’
Opschaling richting 2030 en 2050
De ambities zijn concreet. Building Balance stuurt op een penetratiegraad van 30% biobased (massa) bij 30% van de gebouwen in 2030. Dat aandeel moet richting 2050, wanneer de sector volledig circulair en klimaatneutraal moet zijn, fors groeien. Een belangrijke versneller in aankomende Europese regelgeving is Whole Life Carbon (WLC). Het doel van deze methodiek is het berekenen van de CO2-uitstoot van de gehele levenscyclus van een gebouw. ‘Biobased materialen slaan CO₂ op tijdens de groei en houden die vast in het gebouw. Als daar normering op komt, bijvoorbeeld door deze methodiek, worden conventionele gebouwen ineens afgerekend op hun CO₂-intensiteit.’ Uiterlijk 1 januari 2027 moet elke EU-lidstaat, dus ook Nederland, een routekaart publiceren voor invoering van grenswaarden en WLC-regelgeving.

‘De urgentie is groot. Met het huidige CO₂-budget en de opgave om tot 2030 een miljoen woningen te bouwen, is conventioneel bouwen simpelweg niet houdbaar. Sterker nog, als we blijven bouwen zoals we nu doen, kunnen we nog maar 10 tot 15 procent van die woningen realiseren. Daarna is het budget op. De woningnood en de CO2-budgettering zijn in mijn ogen de ultieme kruiwagen voor biobased. Met biobased materialen bouw je fijn én je dringt de klimaatellende terug. Dit is toch een no brainer?’
Meer dan klimaatwinst
Naast CO₂-reductie levert biobased bouwen volgens Klijn Velderman tal van bijvangsten op. Gebouwen zijn lichter, lenen zich beter voor prefabricage en zorgen voor kortere bouwtijden. Dat maakt het eenvoudiger om elektrisch materieel in te zetten en emissievrije bouwplaatsen te realiseren. ‘Je krijgt sneller te produceren gebouwen, met minder materieel en minder overlast. Dat is winst op meerdere fronten.’
Een andere blik op bouwen
De transitie vraagt tijd, erkent hij. ‘We zijn zo’n 150 jaar geleden gestopt met bouwen met natuurlijke materialen. Dat betekent dat veel kennis opnieuw moet worden opgebouwd. Ontwerpen, inkopen en bouwen moeten anders. En dat staat echt te gebeuren, dat weet ik zeker. Conventioneel bouwen is voor mij het equivalent van een oudtante die in de woonkamer haar sigaretje opsteekt.’ Biobased bouwen is geen niche of experiment, het is een logische volgende stap.
‘Wil je een kijkje nemen in de toekomst van heel bouwend Nederland is de vakbeurs HOUTBOUW de plek om te zijn vinden wij vanuit Building Balance. Hout is een hernieuwbouw bouwmateriaal wat oneindig beschikbaar is en veel CO2 op kan slaan in gebouwen. Vanuit mijn rol bij Building Balance zien wij prefab houtbouw als kruiwagen voor in Nederland geproduceerde biobased plaat- en isolatiematerialen en daarmee is het toekomstbestendig bouwen. Om die reden ondersteunen we deze vakbeurs van harte.’



